Eerder deze week hoorden we in het nieuws dat middelbare scholen in verschillende regio's het moeilijk hebben. Het gaat om middelbare scholen in krimpregio's. Deze scholen kampen met een steeds kleiner wordend aanbod van leerlingen. En als middelbare scholen hiermee kampen, hebben basisscholen dit probleem al langer. Maar ook andere delen van de samenleving zullen het merken als er minder mensen in de regio wonen. Een bakker zal minder brood afzetten. Een slager minder vlees. En een fietsenmaker minder fietsen. Totdat het zo weinig brood, vlees of fietsen worden dat de ondernemer zijn zaak moet sluiten en elders zijn heil gaat zoeken. Vervolgens kampt de regio met een nieuw probleem: er zijn steeds minder faciliteiten in de directe omgeving. Een nieuwe groep mensen zal hierom besluiten het gebied te verlaten, waardoor er weer minder kinderen naar de basis- en middelbare school gaan.
Deze cirkel lijkt moeilijk te doorbreken maar dat valt eigenlijk wel mee. Aan de grenzen van Europa staan duizenden mensen die maar al te graag ergens in Europa zouden willen wonen. Die hoeven echt niet allemaal in de grachtengordel te wonen, ergens in een Nederlandse krimpregio zou al heel fijn zijn. Nu ga ik niet zeggen dat al die mensen meteen naar Nederland moeten komen, daar heb ik u al eerder over geschreven. Maar in 2013 was er alleen al in Drenthe een bevolkingskrimp van 930 personen. Als we het principe van de eerlijke verdeling toepassen, dan is 930 vluchtelingen in Nederland gelijk aan bijna honderdduizend vluchtelingen in heel Europa. Als we de andere krimpprovincie Friesland erbij optellen, dan kan Nederland het equivalent van ruim 150.000 vluchtelingen in heel Europa makkelijk opvangen door alleen maar de krimp in een provincie te compenseren. Als we iedere gemeente apart zouden bekijken, zouden we op nog veel grotere aantallen uitkomen.
Ook kinderen van vluchtelingen hebben onderwijs nodig, ze eten brood en vlees en wellicht kunnen ze onze cultuur van fietsen ook waarderen. De plaatselijke middenstand in stand houden, het onderwijs op peil houden en een humanitaire daad verrichten is eigenlijk hetzelfde, wie had gedacht dat het zo makkelijk zou zijn?
Aanbevolen post
Grondwetswijzigingen van De Jong - 2016
Art. 1 Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie op welke grond dan ook, is niet toe...
vrijdag 4 september 2015
donderdag 3 september 2015
Ballonnetjes van Samsom en Asscher - over leerplicht
Onlangs liet vice-premier Asscher een ballonnetje op over verplichte opvang van peuters. Of gratis opvang. Iets langer geleden liet Diederik Samsom een ballonnetje op over het verlagen van de leerplichtleeftijd naar drie jaar. Leuke ideeën, komen ongetwijfeld uit een goed hart, maar het is allemaal wel een beetje weinig en het spreekt niet echt van heel veel durf.
Al een paar decennia lang zien we dat een zuivere meritocratie niet werkt in Nederland. Tot op zekere hoogte is het maatschappelijke succes en het opleidingsniveau van de ouders mede bepalend voor het opleidingsniveau en maatschappelijk succes van het kind. Hierdoor wordt de kloof tussen arm en rijk groter en worden kinderen onnodig belemmerd in hun toekomstige carrièrekansen. En je kan argumenteren dat dat op macroniveau consequenties heeft voor de gehele economie.
Een belangrijke oorzaak van de relatieve achterstand die kinderen van laagopgeleide ouders hebben zit hem in de taalbeheersing. Kinderen die op jonge leeftijd weinig taal meekrijgen, kunnen dit in de rest van hun leven niet meer inhalen. Kinderen aan wie niet of weinig wordt voorgelezen, die veel voor de tv worden gezet, waar weinig mee gesproken wordt, lopen een taalachterstand op. Dat is al uitvoerig onderzocht. Dat kinderen van laagopgeleiden een taalachterstand oplopen door genoemde zaken, is ook al uitvoerig onderzocht. Een goed voorbeeld van hoe belangrijk taal is, is de rekentoets waar veel Tweede Kamerleden voor gezakt zijn. Die parlementariërs konden best rekenen, het lezen van de opgaven was gewoon net iets teveel gevraagd. Het is erg genoeg dat dit één generatie kan overkomen, maar stelt u zich eens voor wat voor effecten dit generatie op generatie heeft. Dit kan alleen tot tweedeling leiden.
Maar de overheid kan hier iets aan doen. Namelijk de leerplicht verlagen naar twee jaar. Als kinderen vanaf twee jaar oud naast de opvoeding van de ouders ook de opvoeding van pedagogisch medewerkers krijgen, zal dat een significant effect op hun taal hebben. Kinderen van laagopgeleiden en van niet Nederlands sprekenden zullen hier meest van profiteren, wat er voor zorgt dat de kansen op maatschappelijk succes voor de volgende generatie eerlijker verdeeld zullen worden. En voor de generatie daarop weer iets eerlijker.
Het mooie is dat de infrastructuur er al bijna is. Kinderdagverblijven worden een verlengde van basisscholen en zijn al in bijna alle buurten aanwezig. Gecombineerd met de faciliteiten van peuterspeelzalen, kom je echt al heel ver. En zoiets kost natuurlijk miljoenen, maar die investering moeten we maar maken als samenleving, want het levert zoveel op voor de generaties na ons. Maar een groot deel van het geld dat nodig zou zijn, is makkelijk vrij te maken. Subsidies aan peuterspeelzalen, opvangtoeslagen en WW-uitkeringen die niet meer uitgekeerd hoeven te worden aan werkloze pedagogisch medewerkers, kunnen allemaal ingezet worden om dit plan te financieren.
De ideeën van Samsom en Asscher kunnen goed dienen als eerste stappen voor mijn plan. In eerste instantie wordt er ruimte gemaakt voor een aantal verplichte uren voor driejarigen op de opvang. De volgende stap is de leerplicht naar drie jaar verlagen. Vervolgens worden er uren beschikbaar gemaakt voor tweejarigen en weer iets later wordt de leerplichtige leeftijd op twee gesteld.
Al een paar decennia lang zien we dat een zuivere meritocratie niet werkt in Nederland. Tot op zekere hoogte is het maatschappelijke succes en het opleidingsniveau van de ouders mede bepalend voor het opleidingsniveau en maatschappelijk succes van het kind. Hierdoor wordt de kloof tussen arm en rijk groter en worden kinderen onnodig belemmerd in hun toekomstige carrièrekansen. En je kan argumenteren dat dat op macroniveau consequenties heeft voor de gehele economie.
Een belangrijke oorzaak van de relatieve achterstand die kinderen van laagopgeleide ouders hebben zit hem in de taalbeheersing. Kinderen die op jonge leeftijd weinig taal meekrijgen, kunnen dit in de rest van hun leven niet meer inhalen. Kinderen aan wie niet of weinig wordt voorgelezen, die veel voor de tv worden gezet, waar weinig mee gesproken wordt, lopen een taalachterstand op. Dat is al uitvoerig onderzocht. Dat kinderen van laagopgeleiden een taalachterstand oplopen door genoemde zaken, is ook al uitvoerig onderzocht. Een goed voorbeeld van hoe belangrijk taal is, is de rekentoets waar veel Tweede Kamerleden voor gezakt zijn. Die parlementariërs konden best rekenen, het lezen van de opgaven was gewoon net iets teveel gevraagd. Het is erg genoeg dat dit één generatie kan overkomen, maar stelt u zich eens voor wat voor effecten dit generatie op generatie heeft. Dit kan alleen tot tweedeling leiden.
Maar de overheid kan hier iets aan doen. Namelijk de leerplicht verlagen naar twee jaar. Als kinderen vanaf twee jaar oud naast de opvoeding van de ouders ook de opvoeding van pedagogisch medewerkers krijgen, zal dat een significant effect op hun taal hebben. Kinderen van laagopgeleiden en van niet Nederlands sprekenden zullen hier meest van profiteren, wat er voor zorgt dat de kansen op maatschappelijk succes voor de volgende generatie eerlijker verdeeld zullen worden. En voor de generatie daarop weer iets eerlijker.
Het mooie is dat de infrastructuur er al bijna is. Kinderdagverblijven worden een verlengde van basisscholen en zijn al in bijna alle buurten aanwezig. Gecombineerd met de faciliteiten van peuterspeelzalen, kom je echt al heel ver. En zoiets kost natuurlijk miljoenen, maar die investering moeten we maar maken als samenleving, want het levert zoveel op voor de generaties na ons. Maar een groot deel van het geld dat nodig zou zijn, is makkelijk vrij te maken. Subsidies aan peuterspeelzalen, opvangtoeslagen en WW-uitkeringen die niet meer uitgekeerd hoeven te worden aan werkloze pedagogisch medewerkers, kunnen allemaal ingezet worden om dit plan te financieren.
De ideeën van Samsom en Asscher kunnen goed dienen als eerste stappen voor mijn plan. In eerste instantie wordt er ruimte gemaakt voor een aantal verplichte uren voor driejarigen op de opvang. De volgende stap is de leerplicht naar drie jaar verlagen. Vervolgens worden er uren beschikbaar gemaakt voor tweejarigen en weer iets later wordt de leerplichtige leeftijd op twee gesteld.
maandag 31 augustus 2015
Voetbal redden, over betaalzenders, voetbalshirts en zonnepanelen
Vandaag is op nu.nl te lezen dat Paul Tang het voetbal wil redden door betaalzenders aan te pakken. Of eigenlijk: te omzeilen. Ik vind dit een nobel streven en graag wil ik de heer Tang wat bijval geven. Namelijk door een andere aanpak voor te stellen die uitstekend naast het idee van de heer Tang past.
Bedek alle daken in Nederland met zonnepanelen, plaats windmolens op land en in zee en wek stroom op met de stroming in de rivieren en met de getijden. Met andere woorden, investeer in duurzame energie. Zo snel mogelijk en zo veel mogelijk. Maar redt dat dan het voetbal zoals Paul Tang bedoeld? Jazeker, en ik zal u vertellen hoe.
Als Nederland massaal inzet op duurzame energie, wordt Nederland minder afhankelijk en op den duur onafhankelijk van niet al te democratische landen als Rusland en Saoedi-Arabië. Maar ook, en deze landen zijn voor dit voorbeeld van belang, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten. Als andere landen zien hoe Nederland zich onafhankelijk weet te maken van deze landen door eigen, duurzame energie op te wekken, dan zullen er steeds meer landen volgen. Japan en China zullen volgens mij vooraan staan om ons voorbeeld te volgen, maar ook Finland, Slowakije en India zullen snel volgen. En dan gaan de genoemde olie-landen het merken. De inkomsten zullen snel minder worden en de luchtvaartmaatschappijen die aardig wat staatssubsidie krijgen zoals Qatar Airways en Emirates gaan dit voelen. Voor deze maatschappijen zal er veel minder geld overblijven om Europese voetbalclubs te sponsoren. Barcelona, Arsenal, AC Milan, Benfica, PSG, HSV en Real Madrid zullen minder geld hebben om hun elite-vreemdelingenlegioenen te financieren. Met als resultaat: de top wordt minder rijk waardoor nationale en Europese competities leuker worden.
En overstappen op duurzame energie heeft nog een paar andere voordelen: Er zal minder geld uit bijvoorbeeld Qatar vloeien naar IS en Hamas. Er zullen minder Aziaten als slaven gebruikt worden in de Emiraten. De Russen hebben geen geld meer on landje-pik te spelen bij de buurland. In Colombia zullen mensen niet meer misbruikt worden in kolenmijnen. Het landschap wordt niet meer vernield door winning van schaliegas, schalieolie en teerzandolie. Oh ja, en het broeikaseffect wordt niet verder gestimuleerd. Maar ook het voetbal wordt een stukje gered. Als we de plannen van Paul Tang ook uitvoeren.
Bedek alle daken in Nederland met zonnepanelen, plaats windmolens op land en in zee en wek stroom op met de stroming in de rivieren en met de getijden. Met andere woorden, investeer in duurzame energie. Zo snel mogelijk en zo veel mogelijk. Maar redt dat dan het voetbal zoals Paul Tang bedoeld? Jazeker, en ik zal u vertellen hoe.
Als Nederland massaal inzet op duurzame energie, wordt Nederland minder afhankelijk en op den duur onafhankelijk van niet al te democratische landen als Rusland en Saoedi-Arabië. Maar ook, en deze landen zijn voor dit voorbeeld van belang, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten. Als andere landen zien hoe Nederland zich onafhankelijk weet te maken van deze landen door eigen, duurzame energie op te wekken, dan zullen er steeds meer landen volgen. Japan en China zullen volgens mij vooraan staan om ons voorbeeld te volgen, maar ook Finland, Slowakije en India zullen snel volgen. En dan gaan de genoemde olie-landen het merken. De inkomsten zullen snel minder worden en de luchtvaartmaatschappijen die aardig wat staatssubsidie krijgen zoals Qatar Airways en Emirates gaan dit voelen. Voor deze maatschappijen zal er veel minder geld overblijven om Europese voetbalclubs te sponsoren. Barcelona, Arsenal, AC Milan, Benfica, PSG, HSV en Real Madrid zullen minder geld hebben om hun elite-vreemdelingenlegioenen te financieren. Met als resultaat: de top wordt minder rijk waardoor nationale en Europese competities leuker worden.
En overstappen op duurzame energie heeft nog een paar andere voordelen: Er zal minder geld uit bijvoorbeeld Qatar vloeien naar IS en Hamas. Er zullen minder Aziaten als slaven gebruikt worden in de Emiraten. De Russen hebben geen geld meer on landje-pik te spelen bij de buurland. In Colombia zullen mensen niet meer misbruikt worden in kolenmijnen. Het landschap wordt niet meer vernield door winning van schaliegas, schalieolie en teerzandolie. Oh ja, en het broeikaseffect wordt niet verder gestimuleerd. Maar ook het voetbal wordt een stukje gered. Als we de plannen van Paul Tang ook uitvoeren.
vrijdag 20 februari 2015
Open die gaskraan!
Nederland moet de gaskraan niet dichtdraaien, hij moet juist zo ver mogelijk open! Met het extra gas dat we uit de grond halen, kunnen we landen als Slowakije en Finland bedienen, zodat zij minder afhankelijk worden van Russisch gas. De extra inkomsten van al gas moeten we, naast half Groningen opnieuw opbouwen, investeren is duurzame energie. Op die manier kunnen we in een paar jaar compleet groen en energie-onafhankelijk zullen zijn. Dit zal zo'n indruk maken in de hele wereld, dat andere landen ons voorbeeld gaan volgen. Massaal stappen landen in Europa over op duurzame energie. Maar ook de VS, Japan, Australië, China en India zullen dit voorbeeld snel volgen. De uitvoer van olie door Arabische landen zal instorten waardoor er geen geld meer is voor steun aan organisatie als Hamas en IS door Qatar of aan Hezbollah door Iran. De Russen zullen begrijpen dat er geen geld meer is voor landjepik aan de grenzen waardoor er rust en vrede zal komen in Georgië, Oekraïne en Moldavië. Wereldvrede is bereikbaar en wij hebben de sleutel in de hand.
De zegen van een faillissement van V&D
Onlangs heb ik een nieuwe autolader gekocht. Zo'n snoertje waarmee je je telefoon in de auto kunt opladen. Het is op geen moment bij mij opgekomen om hiervoor naar een 'echte' winkel te gaan, zo een met een voordeur. In plaats daarvan heb ik op een drie- of viertal sites gezocht en dezelfde avond een bestelling geplaatst. Geen bezorgkosten en de volgende dag geleverd, op een adres naar keuze.
Cd's kopen we allang niet meer in de platenzaak. Boeken kopen we bijna allemaal online. En binnenkort zullen we ook onze dagelijkse boodschappen steeds meer online bestellen. Via een site of een appje, dat wat bijna op is plaats je in je digitale winkelwagentje en als die vol genoeg is of als je koelkast echt leeg is, laat je alles komen.
Het straatbeeld is aan het veranderen en zal nog veel meer veranderen. V&D is nog niet failliet, maar het zal drastisch moeten gaan hervormen. Hele afdelingen kunnen dicht, zoals de muziek- en boekenafdeling, de speelgoedafdeling, maar ook de electronicahoek. Als V&D niet alsnog failliet gaat, zal het toch zeker een stuk kleiner worden. Datzelfde is al aan het gebeuren bij de Bijenkorf. En als we onze dagelijkse boodschappen niet meer zelf ophalen, kunnen de supermarkten ook een stuk kleiner.
En dit is een zegen. Want als de grote warenhuizen en supermarkten met een fractie van het huidige winkeloppervlak toekunnen, zal dat een schokgolf teweeg brengen in de vastgoedwereld. En daar profiteren we bijna allemaal van. Er zal winkelruimte leeg komen te staan, waardoor de vierkante meter prijs omlaag gaat. Ook voor de kleine winkeliers. Een bakker, slager, slijter, kapper is over een paar jaar veel meer aan huur kwijt. Omdat V&D, Albert Heijn, Jumbo, Blokker en HEMA veel minder winkels hebben en nog kleinere ook. En de bakker, slager, slijter en kapper zijn nou net van die ondernemingen die niet makkelijk online te vervangen zijn. Net als een restaurant, café, traiteur, kleermaker en specialistische elektronicazaken. Sterker nog, als we supermarkten en warenhuizen niet meer nodig hebben voor dagelijkse en recht toe recht aan aankopen, zullen we meer naar dit soort winkels gaan.
Wellicht gaat V&D alsnog failliet in de nabije toekomst, of Blokker. Of ze redden het net, door drastische hervormingen. Hoe dan ook zal het een zegen zijn voor de kleine ondernemer, de middenstand en het straatbeeld. We zullen weer naar de leuke winkels gaan en de kille grootwinkels met te grote parkeerplaatsen zullen we meer en meer de rug toekeren.
Cd's kopen we allang niet meer in de platenzaak. Boeken kopen we bijna allemaal online. En binnenkort zullen we ook onze dagelijkse boodschappen steeds meer online bestellen. Via een site of een appje, dat wat bijna op is plaats je in je digitale winkelwagentje en als die vol genoeg is of als je koelkast echt leeg is, laat je alles komen.
Het straatbeeld is aan het veranderen en zal nog veel meer veranderen. V&D is nog niet failliet, maar het zal drastisch moeten gaan hervormen. Hele afdelingen kunnen dicht, zoals de muziek- en boekenafdeling, de speelgoedafdeling, maar ook de electronicahoek. Als V&D niet alsnog failliet gaat, zal het toch zeker een stuk kleiner worden. Datzelfde is al aan het gebeuren bij de Bijenkorf. En als we onze dagelijkse boodschappen niet meer zelf ophalen, kunnen de supermarkten ook een stuk kleiner.
En dit is een zegen. Want als de grote warenhuizen en supermarkten met een fractie van het huidige winkeloppervlak toekunnen, zal dat een schokgolf teweeg brengen in de vastgoedwereld. En daar profiteren we bijna allemaal van. Er zal winkelruimte leeg komen te staan, waardoor de vierkante meter prijs omlaag gaat. Ook voor de kleine winkeliers. Een bakker, slager, slijter, kapper is over een paar jaar veel meer aan huur kwijt. Omdat V&D, Albert Heijn, Jumbo, Blokker en HEMA veel minder winkels hebben en nog kleinere ook. En de bakker, slager, slijter en kapper zijn nou net van die ondernemingen die niet makkelijk online te vervangen zijn. Net als een restaurant, café, traiteur, kleermaker en specialistische elektronicazaken. Sterker nog, als we supermarkten en warenhuizen niet meer nodig hebben voor dagelijkse en recht toe recht aan aankopen, zullen we meer naar dit soort winkels gaan.
Wellicht gaat V&D alsnog failliet in de nabije toekomst, of Blokker. Of ze redden het net, door drastische hervormingen. Hoe dan ook zal het een zegen zijn voor de kleine ondernemer, de middenstand en het straatbeeld. We zullen weer naar de leuke winkels gaan en de kille grootwinkels met te grote parkeerplaatsen zullen we meer en meer de rug toekeren.
vrijdag 12 december 2014
Waarom de OPEC een lage olieprijs wel best vindt
De Olieprijs staat bijna op een historisch laag punt. Diverse olieproducerende landen lopen tegen enorme begrotingstekorten aan door de lage olieprijs. Rusland loopt op jaarbasis 100 miljard dollar mis en ook Iran en Venezuela lopen tegen grote tegenvallers op. Maar toch besluit de OPEC niet om de productie omlaag te brengen om te prijs op te voeren. Waarom niet?
Omdat de OPEC landen, en dan met name die op het Arabisch schiereiland, Saoedi-Arabië voorop, zien wat er in de wereld gebeurt. Het belang van de OPEC is afgenomen. Door de schaliegasrevolutie zijn de VS een stuk zelfvoorzienender in energie. Niet OPEC-land Rusland timmert hard aan de wereldmarktweg met gas en olie. En dan dreigt er ook nog eens een groene energie-revolutie in sommige geïndustrialiseerde landen.
Vooropgesteld moet worden dat niemand zo goedkoop olie uit de grond kan halen als de Saoedi's en hun schiereilandgenoten. Olie uit de VS en Rusland is duurder. Dus bij een lage olieprijs, vooral als die naar de $60 gaat, is bijna alleen Arabische olie nog winstgevend. Dat OPEC landen als Iran en Venezuela dan enorme verliezen lijden, nemen de Arabieren voor lief. Want als de olieprijs nu weer gaat stijgen naar meer dan $100 per vat, dan gaan Europa, de VS, Japan (dit is al ruim de halve wereldeconomie) en wellicht ook China en India zich achter de oren krabben. Want met zulke hoge olieprijzen, en gasprijzen, want die gaan natuurlijk gewoon mee omhoog, wordt duurzame energie opeens financieel veel aantrekkelijker. En als een windmolenpark er eenmaal staat, dan blijft die ook energie leveren als de olieprijs weer daalt.
Bij een stijgende olieprijs worden in het Westen het principieel denkende links en het economisch denkende rechts het eens: men moet investeren in energie-onafhankelijkheid. En met name duurzame energie zorgt daarvoor, omdat de prijs daarvan minder afhankelijk is van olie dan aardgas en schaliegas en -olie. Als de stijging groot genoeg is en lang genoeg aanhoudt, dan zal er meer bereidheid en meer tijd zijn om die investeringen te doen. En dit wil de OPEC, meer precies de landen op het Arabisch schiereiland, Saoedi-Arabië voorop, tegen elke prijs voorkomen.
Omdat de OPEC landen, en dan met name die op het Arabisch schiereiland, Saoedi-Arabië voorop, zien wat er in de wereld gebeurt. Het belang van de OPEC is afgenomen. Door de schaliegasrevolutie zijn de VS een stuk zelfvoorzienender in energie. Niet OPEC-land Rusland timmert hard aan de wereldmarktweg met gas en olie. En dan dreigt er ook nog eens een groene energie-revolutie in sommige geïndustrialiseerde landen.
Vooropgesteld moet worden dat niemand zo goedkoop olie uit de grond kan halen als de Saoedi's en hun schiereilandgenoten. Olie uit de VS en Rusland is duurder. Dus bij een lage olieprijs, vooral als die naar de $60 gaat, is bijna alleen Arabische olie nog winstgevend. Dat OPEC landen als Iran en Venezuela dan enorme verliezen lijden, nemen de Arabieren voor lief. Want als de olieprijs nu weer gaat stijgen naar meer dan $100 per vat, dan gaan Europa, de VS, Japan (dit is al ruim de halve wereldeconomie) en wellicht ook China en India zich achter de oren krabben. Want met zulke hoge olieprijzen, en gasprijzen, want die gaan natuurlijk gewoon mee omhoog, wordt duurzame energie opeens financieel veel aantrekkelijker. En als een windmolenpark er eenmaal staat, dan blijft die ook energie leveren als de olieprijs weer daalt.
Bij een stijgende olieprijs worden in het Westen het principieel denkende links en het economisch denkende rechts het eens: men moet investeren in energie-onafhankelijkheid. En met name duurzame energie zorgt daarvoor, omdat de prijs daarvan minder afhankelijk is van olie dan aardgas en schaliegas en -olie. Als de stijging groot genoeg is en lang genoeg aanhoudt, dan zal er meer bereidheid en meer tijd zijn om die investeringen te doen. En dit wil de OPEC, meer precies de landen op het Arabisch schiereiland, Saoedi-Arabië voorop, tegen elke prijs voorkomen.
woensdag 3 december 2014
Waarom de opsplitsing van E.ON helemaal niet zulk goed nieuws is
E.ON, een van de grootste energiebedrijven van Europa, splitst in een duurzaam en een fossiel energiebedrijf. De vele fossiele kolen-, gas- en kerncentrales van E.ON worden in een apart bedrijf gestopt, terwijl E.ON zelf verder flink gaat investeren in duurzame energie. Het fossiele en kernenergiebedrijf gaat E.ON naar de beurs brengen. Een soort sterfhuisconstructie voor fossiele brandstof en kernenergie, dus. E.ON doet dit niet uit idealisme, maar gewoon om de centen.
Wie goed luisterde kon tussen de regels door horen dat de stap van E.ON niet van harte ging. Het bedrijf past zich aan aan de veranderende realiteit.
Dit zei Werner Wenning, voorzitter van de raad van toezichthouders van E.ON over de opsplitsing:
“We zijn er van overtuigd dat het noodzakelijk is om te reageren op de dramatisch veranderde mondiale energiemarkten, technologische innovatie en meer diverse verwachtingen van de consument met een gedurfd nieuw begin. Het huidige brede business model van EO.N is niet langer toereikend om deze nieuwe uitdagingen aan te gaan.” (bron: energiebusiness.nl).
Wat Wenning met omfloerste woorden zegt is dat consumenten steeds meer het heft in eigen handen nemen. In Duitsland is 40% van de schone energie-installaties (zoals windmolens en zonnepanelen) in handen van burgers zelf. De grote, gecentraliseerde energiebedrijven verdienen vrijwel niets aan deze burgerstroom.
De stap van E.ON hing al een tijdje in de lucht. Vorig jaar concludeerde PWC al in een rapport dat grote energiebedrijven sidderden voor de groene energierevolutie. De explosieve groei van met name zonne-energie is zo groot, dat de grote energiebedrijven in het hart van hun verdienmodel getroffen worden. Burgers zullen binnen afzienbare tijd zelf zoveel stroom opwekken dat energiebedrijven gewoon niet meer nodig zijn, tenminste de traditionele energiebedrijven. Bedrijven die meebewegen met de markt, zullen kunnen overleven.
Na de ramp met de kerncentrale in Fukushima heeft Duitsland kernenergie in de ban gedaan. Op termijn moeten alle kerncentrales dicht. Dit heeft als gevolg dat er op korte termijn veel meer fossiele brandstoffen gestookt worden ter compensatie, vooral bruinkool. Maar als de groene energierevolutie doorzet, valt er op termijn ook niets meer aan deze vorm van mijnbouw en energie-opwekking te verdienen.
Wat E.ON nu doet, is z'n handen aftrekken van een riskant business model. Riskant, maar de komende decennia nog wel nodig. Zolang er nog geen 100% duurzame energie opgewekt wordt, is er fossiele of kernenergie nodig om de lagunes op te vullen. Het fossiele en kernenergie bedrijf is ten dode opgeschreven, dat weet E.ON maar al te goed, maar ook too big to fail, ook dat realiseert E.ON zich. De Duitse overheid zal op enig moment moeten ingrijpen om de kolencentrales open te houden opdat er geen energietekort ontstaat. E.ON voelt er dan geen centje pijn meer van, omdat het belang allang verkocht is.
Na jaren, decennia zelfs, goed verdiend te hebben aan energie en na jaren van slechte investeringen, men heeft immers zelf nauwelijks in duurzaam geïnvesteerd en teveel in fossiel, besluit E.ON om helemaal geen verantwoordelijkheid meer te nemen voor het eigen slechte beleid. Men laat het in feite aan de belastingbetaler over.
E.ON is de eerste van de grote energiebedrijven die dit doet. Andere energiebedrijven zullen volgen, als we het toestaan.
Dit artikel is een bewerking van de tekst van Het Kan Wel op deze pagina.
Wie goed luisterde kon tussen de regels door horen dat de stap van E.ON niet van harte ging. Het bedrijf past zich aan aan de veranderende realiteit.
Dit zei Werner Wenning, voorzitter van de raad van toezichthouders van E.ON over de opsplitsing:
“We zijn er van overtuigd dat het noodzakelijk is om te reageren op de dramatisch veranderde mondiale energiemarkten, technologische innovatie en meer diverse verwachtingen van de consument met een gedurfd nieuw begin. Het huidige brede business model van EO.N is niet langer toereikend om deze nieuwe uitdagingen aan te gaan.” (bron: energiebusiness.nl).
Wat Wenning met omfloerste woorden zegt is dat consumenten steeds meer het heft in eigen handen nemen. In Duitsland is 40% van de schone energie-installaties (zoals windmolens en zonnepanelen) in handen van burgers zelf. De grote, gecentraliseerde energiebedrijven verdienen vrijwel niets aan deze burgerstroom.
De stap van E.ON hing al een tijdje in de lucht. Vorig jaar concludeerde PWC al in een rapport dat grote energiebedrijven sidderden voor de groene energierevolutie. De explosieve groei van met name zonne-energie is zo groot, dat de grote energiebedrijven in het hart van hun verdienmodel getroffen worden. Burgers zullen binnen afzienbare tijd zelf zoveel stroom opwekken dat energiebedrijven gewoon niet meer nodig zijn, tenminste de traditionele energiebedrijven. Bedrijven die meebewegen met de markt, zullen kunnen overleven.
Na de ramp met de kerncentrale in Fukushima heeft Duitsland kernenergie in de ban gedaan. Op termijn moeten alle kerncentrales dicht. Dit heeft als gevolg dat er op korte termijn veel meer fossiele brandstoffen gestookt worden ter compensatie, vooral bruinkool. Maar als de groene energierevolutie doorzet, valt er op termijn ook niets meer aan deze vorm van mijnbouw en energie-opwekking te verdienen.
Wat E.ON nu doet, is z'n handen aftrekken van een riskant business model. Riskant, maar de komende decennia nog wel nodig. Zolang er nog geen 100% duurzame energie opgewekt wordt, is er fossiele of kernenergie nodig om de lagunes op te vullen. Het fossiele en kernenergie bedrijf is ten dode opgeschreven, dat weet E.ON maar al te goed, maar ook too big to fail, ook dat realiseert E.ON zich. De Duitse overheid zal op enig moment moeten ingrijpen om de kolencentrales open te houden opdat er geen energietekort ontstaat. E.ON voelt er dan geen centje pijn meer van, omdat het belang allang verkocht is.
Na jaren, decennia zelfs, goed verdiend te hebben aan energie en na jaren van slechte investeringen, men heeft immers zelf nauwelijks in duurzaam geïnvesteerd en teveel in fossiel, besluit E.ON om helemaal geen verantwoordelijkheid meer te nemen voor het eigen slechte beleid. Men laat het in feite aan de belastingbetaler over.
E.ON is de eerste van de grote energiebedrijven die dit doet. Andere energiebedrijven zullen volgen, als we het toestaan.
Dit artikel is een bewerking van de tekst van Het Kan Wel op deze pagina.
Abonneren op:
Posts (Atom)