Aanbevolen post

Grondwetswijzigingen van De Jong - 2016

Art. 1 Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie op welke grond dan ook, is niet toe...

woensdag 29 oktober 2014

Keurmerken

Beste heer Schouw,

Eerder deze week las ik tot mijn blijdschap dat D66 een einde wil maken aan het woud van keurmerken dat ontstaan is. Wat Albert Heijn precies met Puur&Eerlijk bedoelt, is mij niet echt duidelijk. Als ik papier nodig heb, weet ik niet of gerecycled beter is dan FSC of andersom. Op koffie staat een 'Bewuste Keuze' omdat er geen calorieën inzitten. En wat is nou beter, UTZ of Triple A? De ene supermarkt prijst veel aan omdat het uit Nederland komt, de ander juist weer omdat het uit Ierland komt. Fairtrade producten zijn niet biologisch en biologische producten uit Europa zijn per definitie niet Fairtrade. Want Fairtrade moet van ver komen.

Orde scheppen in deze chaos zou inderdaad fijn zijn. Één, of in ieder geval een beperkt aantal labels, die ons vertellen hoe bewust, biologisch, verantwoord, gerecycled of wat dan ook een product is, is gewenst. Maar zulke labels zijn er al. Op Europees niveau hebben we twee labels die een flink aantal productgroepen beslaan:
De EU Flower voor non-food en de EU Leaf voor food.

Deze labels zijn industrie-onafhankelijk, internationaal, voor veel producten in te zetten, alleen: niet heel erg bekend. Maar daar kunt u wat aan doen. Tenminste, als uw collega's in parlement en kabinet meewerken. Als de Nederlandse overheden in aanbestedingen hun best doen om de EU Flower en EU Leaf voor te schrijven, neemt vanzelf het belang van deze labels toe en ook de bekendheid. En als de overheden in de rest van Europa volgen, dan zijn we al bijna van het woud van keurmerken af.

donderdag 16 oktober 2014

Weeffouten in de Europese Unie - deel 2

De EU, de een houdt ervan, de ander verafschuwt het. Ik behoor tot de eerste groep, in principe. Want hoewel het idee van een unie van volkeren en landen naar mijn idee een groot goed is, zijn er nogal wat weeffouten in de Europese Unie geslopen in de loop der jaren. In deze serie zal ik er een paar aankaarten.

Het dagelijks bestuur

In het westen zijn we gewend aan democratie. Een voorwaarde van het EU-lidmaatschap is dat een land een democratisch bestuur heeft. Twee voorwaarden voor een democratisch bestuur zijn een gekozen volksvertegenwoordiging en scheiding der machten. Hoewel deze scheiding in Nederland niet zuiver is, is zij wel makkelijk te herkennen. Op zowel landelijk, provinciaal als lokaal niveau hebben wij een gekozen volksvertegenwoordiging, een uitvoerend orgaan en de rechtspraak is onafhankelijk. In landen om ons heen vindt je andere, maar vergelijkbare systemen. Natuurlijk hebben we ook op Europees niveau verschillende instellingen met verschillende taken, maar die zijn wel verwarrend.

Dat het Europees Parlement de gekozen volksvertegenwoordiging is, dat is wel duidelijk. En dat het Hof van Justitie van de Europese Unie staat voor de onafhankelijke rechtspraak staat, snappen we ook. Maar alleen mensen die er op afgestudeerd zijn, snappen hoe de uitvoerende tak van Europa werkt.

We hebben een Europese Commissie die bestaat uit 28 fulltime leden inclusief een voorzitter. De Commissarissen zou je met ministers kunnen vergelijken en de voorzitter met een premier of president. Dan is er de Europese Raad waarin 28 regeringsleiders plaats hebben samen met een permanente vertegenwoordiger voor buitenlandse aangelegenheden onder aanvoering van een vaste voorzitter die wel een de president van Europa genoemd wordt. Dan hebben we ook nog de Raad van Europese Unie, waarvan de samenstelling wisselt al naar gelang het onderwerp wat ter tafel ligt. Het voorzitterschap hiervan rouleert onder de lidstaten. En voor slechts een deel van de Unie, namelijk de landen met de Euro, is er dan ook nog de Eurogroep. Eigenlijk een soort kleine vorm van de Raad van Europese Unie voor financiën, maar dan wel met zijn eigen voorzitter.

Vier organen in de uitvoerende macht waarvan er drie gevormd worden door nationale politici, drie permanente voorzitters, een roulerend voorzitterschap. Het klinkt als een onbestuurbaar, geldverspilling en ons zelf bezig houden met baantjes en nevenfuncties. Het is niet goed uit te leggen aan 'de man in de straat' en daarmee zorgt het voor een kloof tussen de burger en Europa. Iets waar populisten maar al te graag gebruik van maken en ze hebben nog een beetje gelijk ook.

Wij willen toch ook niet dat in Nederland de uitvoerende macht verdeeld wordt over kabinet Rutte II, een college van alle Commissarissen der Koning en een wisselend college van allerlei Gedeputeerden uit de provincies? Laten we vele organen smeden tot één, met een duidelijk pakket aan taken en onder controle van het Europees Parlement.


Deel 1
Deel 3
Deel 4
Deel 5

Weeffouten in de Europese Unie - deel 1

De EU, de een houdt ervan, de ander verafschuwt het. Ik behoor tot de eerste groep, in principe. Want hoewel het idee van een unie van volkeren en landen naar mijn idee een groot goed is, zijn er nogal wat weeffouten in de Europese Unie geslopen in de loop der jaren. In deze serie zal ik er een paar aankaarten.

De kleine landjes

Europa is een erg versnipperd land. Dichtbevolkt en vol met grenzen, en dat lijken er steeds meer te worden. Joegoslavië en de Sovjet-Unie zijn uit elkaar gevallen en een aantal voormalige deelrepublieken en nieuwe landen is al lid van de Unie of wil dat in de toekomst graag worden. Verderop in Europa streven regio's naar onafhankelijkheid, maar wel met behoud van EU-lidmaatschap. Denk aan Schotland, Catalonië en Vlaanderen. Als enkele regio's er in slagen onafhankelijk te worden, zal de Unie nog meer lidstaten tellen en daarmee sluipt er nog meer ongelijkheid in de Unie.

Een van de organen in het bestuur van de EU is de Europese Commissie. Een college van 28 mensen, één per lidstaat. Duitsland heeft met 80 miljoen inwoners even veel invloed in de Europese Commissie als Nederland met krap 17 miljoen inwoners en Malta met nog geen half miljoen ingezetenen. Als het Verenigd Koninkrijk, Spanje en België uit elkaar vallen, neemt deze ongelijkheid alleen maar toe.

In het Europees Parlement zien we een vergelijkbaar fenomeen. Grotere landen hebben wel meer zetels dan kleine landen, maar niet recht evenredig. Het grootste land Duitsland heeft de meeste zetels, maar elke zetel vertegenwoordigt ruim 800.000 Duitsers. Het kleinste land Malta heeft de minste zetels, maar die zetels vertegenwoordigen elk maar 67.000 Maltezen.

Deze ongelijkheden in de Europese Commissie en in het Europese Parlement weerhouden ministaatjes als San Marino en Andorra van het EU-lidmaatschap. Deze landen hebben slechts enkele tienduizenden inwoners. Eén Commissaris en één EP-lid voor een dergelijk land zou de balans nog veel verder verstoren.
Een andere samenstelling van de Commissie en Parlement zou de EU voorbereiden op toetreding Faeröer, Liechtenstein, San Marino, Andorra, Monaco, maar ook van Man, Jersey en Guernsey. Het zou de Unie voorbereiden op afsplitsing van regio's en het zou het democratische principe van 'one man, one vote' bevorderen.

Deel 2
Deel 3
Deel 4
Deel 5

woensdag 15 oktober 2014

Geen subsidie, wel meer panelen

Subsidie op zonnepanelen, het klinkt als een goed idee, maar eigenlijk is het een oneerlijke, denivellerende maatregel. De subsidie wordt namelijk uit de algemene middelen betaald, waar wij allemaal aan bijdragen via belastingen. Degenen die gebruik maken van de subsidie zijn doorgaans mensen met een relatief ruim inkomen of vermogen, het blijft ook met subsidie een aanzienlijke investering die niet iedereen zich kan veroorloven. Je zou dus kunnen stellen dat door subsidie op de aanschaf van zonnepanelen te geven, er geld vloeit van arm naar rijk. Dat kan slimmer en beter. 

De overheid zou geen subsidie moeten geven, maar een financieringsregeling. Iedereen die zonnepanelen op zijn dak wil plaatsen zou dit moeten kunnen doen met voorfinanciering door de overheid. Het hele bedrag van aanschaf en installatie wordt dan voldaan door bijvoorbeeld Economische Zaken en men betaalt EZ terug met de besparing die de zonnepanelen opleveren. Met een rente die gelijk staat aan bijvoorbeeld een tienjarige staatsobligatie. Totdat de investering is afbetaald, heeft men dus geen financieel voordeel, maar men is ook niet meer kwijt per maand.

Een rekenvoorbeeld:
De jaarenergierekening van familie A is 100. Een dak vol zonnepanelen inclusief installatie kost ook 100 (voor het gemak van het rekenvoorbeeld inclusief rente). De zonnepanelen wekken op jaarbasis ter waarde van 10 stroom op.
Gedurende 10 jaar betaalt familie A 90 aan de energieleverancier en 10 voor aflossing aan EZ. Na 10 jaar zijn de panelen afbetaald en betaalt familie A alleen nog 90 aan de leverancier en gaat men dus de besparing in de portemonnee voelen.

Deze regeling kan niet alleen toegepast worden op zonnepanelen, maar op iedere investering voor het zelf opwekken van energie, zoals bijvoorbeeld het plaatsen van windturbines op het dak. En het mooie is: het kost de overheid onderaan de streep niets, en de mensen (en bedrijven) die gebruik maken van de regeling, hoeven niet meer te betalen dan ze gewend zijn. En bovenop dat alles, is het ook nog eens niet denivellerend.