Aanbevolen post

Grondwetswijzigingen van De Jong - 2016

Art. 1 Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie op welke grond dan ook, is niet toe...

dinsdag 6 oktober 2015

Over Robben en een grensrechter doodschoppen

Het Wereldkampioenschap rugby is in volle gang. Voor rugbyliefhebbers een fantastische tijd. Maar ook voor voetballiefhebbers die moedeloos worden van schwalbes, verontwaardigde gezichten bij terechte gele en rode kaarten en 22 handen in de lucht bij iedere uitbal. Want wat is het toch heerlijk om naar een teambalsport te kijken zonder stervende zwanen, spelers die met handgebaren om een kaart vragen voor een tegenstander of luid in protest gaan als zelf een kaart ontvangen.

Respect voor de scheidsrechter en de tegenstander; uit- en thuispubliek probleemloos naast en door elkaar, zowel in het stadion als in de pub met een pint in de hand; een stil stadion als de tegenstander een penalty neemt; elkaar feliciteren en bedanken na afloop van de wedstrijd. Bij rugby is het allemaal vanzelfsprekend, maar bij voetbal wil het maar niet lukken. Reclameborden langs het veld en reclamespotjes op tv die 'Respect' prediken te spijt. Waar zit 'm dat toch in?

Ten eerste rugby: bij deze sport is het pure noodzaak dat men met respect met elkaar om gaat. Door de aard van de sport die nogal fysiek is, is het in het belang van alle spelers dat de regels nageleefd worden. Veel van de regels zijn er ook om gevaarlijke situaties te voorkomen. Van jongs af aan krijgen rugbyspelers dit te horen van trainers en medespelers. En dat gebeurt al decennia, wat zeg ik, al anderhalve eeuw zo. Iedere beginnende rugbyer krijgt van oudere en betere spelers te horen dat grove overtredingen niet toelaatbaar zijn, dat het oordeel van de scheidsrechter niet ter discussie staat en dat een tegenstander alleen tijdens de wedstrijd een tegenstander is en daarbuiten een geestverwant die net als jij zijn hart aan rugby verpand heeft. Dit heeft ook zijn weerslag op het publiek gehad. Mensen die dergelijk gedrag waarderen, komen sneller naar het stadion dan mensen die liever stennis willen maken. En die paar mensen die het toch proberen, stennis maken, worden snel door de anderen tot de orde geroepen. En dat gaat ook al anderhalve eeuw zo. Dus elke nieuwe supporter weet heel snel dat bepaald gedrag niet rond een rugbywedstrijd thuis hoort. Men fluit de tegenstander niet uit, men klapt voor mooie acties van de tegenstander, geblesseerde spelers die van het veld moeten krijgen een staande ovatie, zowel van de uit- als thuisclub en je slaat de supporters van de andere partij niet, je geeft ze een hand of een schouderklop. En als je in een goede bui bent een rondje.

Waar en wanneer het precies fout gegaan is bij voetbal weet ik niet. Maar dat er nu iets verkeerd zit in de voetbalcultuur is duidelijk. Aanstellerig en onsportief gedrag op de velden is al niet om aan te zien, maar dat er mensen niet meer met hun kinderen naar stadions durven uit angst voor hooligans, is helemaal treurig. Om over het asociale gedrag op en rond jeugd- en amateurvelden maar te zwijgen. Met als absoluut dieptepunt het doodschoppen van een grensrechter in 2013.

Om iets aan cultuur te veranderen, is een lange adem nodig. Talen evolueren over generaties, religies over eeuwen en zelfs mode verschilt maar een beetje van seizoen tot seizoen. Het duurt misschien wel generaties om van schwalbes, supportersgeweld en erger af te komen. Als het überhaupt mogelijk is. Daarom moet er zo snel mogelijk mee begonnen worden. Het liefst wil je natuurlijk dat bij voetbal, net als bij rugby, van jongs af aan duidelijk gemaakt wordt wat wel en niet toelaatbaar is. Maar zolang het voorbeeld op tv daar niet mee correspondeert, heeft dat niet heel veel zin. De cultuurverandering zal dus aan de top moeten beginnen. In de Champions League, de Europa League, de Eredivisie en alle andere professionele competities. Als een scheidsrechter een grove overtreding over het hoofd ziet, moet de coach het lef hebben om de speler uit het veld te halen. Als meer over het krijt en de zestienmeterlijn struikelt dan over de voet van een tegenstander, moeten medespelers hem hier op wijzen. Als er geprotesteerd wordt tegen een gele kaart, moet er ingegrepen worden door teamgenoten.

Spelers als Arjen Robben, die er hun beroep van hebben gemaakt om te struikelen over grassprieten, verontwaardigd de armen in de lucht te gooien bij elke beslissing van de scheidsrechter, de ingooi te claimen als hij zelf de bal uit speelt, zouden niet opgesteld moeten worden zolang ze hun gedrag niet veranderen. Want spelers als Arjen Robben, en de clubs die deze spelers aankopen en de coaches die deze spelers opstellen, zijn verantwoordelijk voor een cultuur waarin aanstellen en het consequent aanvechten van arbitrale beslissingen de norm is. Een cultuur waarvan de uiteindelijke uitwas het doodschoppen van een grensrechter is. Indirect is iedere speler als Arjen Robben, iedere club die hen een salaris betaalt, iedere coach die hen opstelt en iedere analyticus die het niet veroordeeld, verantwoordelijk voor de dood van grensrechter Richard Nieuwenhuizen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten