De EU, de een houdt ervan, de ander verafschuwt het. Ik behoor tot de eerste groep, in principe. Want hoewel het idee van een unie van volkeren en landen naar mijn idee een groot goed is, zijn er nogal wat weeffouten in de Europese Unie geslopen in de loop der jaren. In deze serie zal ik er een paar aankaarten.
Het dagelijks bestuur
In het westen zijn we gewend aan democratie. Een voorwaarde van het EU-lidmaatschap is dat een land een democratisch bestuur heeft. Twee voorwaarden voor een democratisch bestuur zijn een gekozen volksvertegenwoordiging en scheiding der machten. Hoewel deze scheiding in Nederland niet zuiver is, is zij wel makkelijk te herkennen. Op zowel landelijk, provinciaal als lokaal niveau hebben wij een gekozen volksvertegenwoordiging, een uitvoerend orgaan en de rechtspraak is onafhankelijk. In landen om ons heen vindt je andere, maar vergelijkbare systemen. Natuurlijk hebben we ook op Europees niveau verschillende instellingen met verschillende taken, maar die zijn wel verwarrend.
Dat het Europees Parlement de gekozen volksvertegenwoordiging is, dat is wel duidelijk. En dat het Hof van Justitie van de Europese Unie staat voor de onafhankelijke rechtspraak staat, snappen we ook. Maar alleen mensen die er op afgestudeerd zijn, snappen hoe de uitvoerende tak van Europa werkt.
We hebben een Europese Commissie die bestaat uit 28 fulltime leden inclusief een voorzitter. De Commissarissen zou je met ministers kunnen vergelijken en de voorzitter met een premier of president. Dan is er de Europese Raad waarin 28 regeringsleiders plaats hebben samen met een permanente vertegenwoordiger voor buitenlandse aangelegenheden onder aanvoering van een vaste voorzitter die wel een de president van Europa genoemd wordt. Dan hebben we ook nog de Raad van Europese Unie, waarvan de samenstelling wisselt al naar gelang het onderwerp wat ter tafel ligt. Het voorzitterschap hiervan rouleert onder de lidstaten. En voor slechts een deel van de Unie, namelijk de landen met de Euro, is er dan ook nog de Eurogroep. Eigenlijk een soort kleine vorm van de Raad van Europese Unie voor financiën, maar dan wel met zijn eigen voorzitter.
Vier organen in de uitvoerende macht waarvan er drie gevormd worden door nationale politici, drie permanente voorzitters, een roulerend voorzitterschap. Het klinkt als een onbestuurbaar, geldverspilling en ons zelf bezig houden met baantjes en nevenfuncties. Het is niet goed uit te leggen aan 'de man in de straat' en daarmee zorgt het voor een kloof tussen de burger en Europa. Iets waar populisten maar al te graag gebruik van maken en ze hebben nog een beetje gelijk ook.
Wij willen toch ook niet dat in Nederland de uitvoerende macht verdeeld wordt over kabinet Rutte II, een college van alle Commissarissen der Koning en een wisselend college van allerlei Gedeputeerden uit de provincies? Laten we vele organen smeden tot één, met een duidelijk pakket aan taken en onder controle van het Europees Parlement.
Deel 1
Deel 3
Deel 4
Deel 5
Geen opmerkingen:
Een reactie posten